Een jaar in de beeldende kunst loopt zelden gelijk op. Je hebt maanden waarin je alleen maar materiaal koopt, en dan ineens een expositie of een opdracht waar het hele jaar aan hangt. Dat geeft twee vragen die elke keer terugkomen: wat mag ik van mijn winst halen, en wat doet zo’n piek met de KOR.
Je atelier, je materialen en je gereedschap
De inkoop-hulp heeft tweeëndertig regels die alleen over beeldende kunst gaan. Niet “kantoorartikelen”, maar:
- klei, gips en gietmaterialen (porselein, siliconen, brons)
- verf, pigmenten en bindmiddelen; penselen en paletmessen
- doeken en schilderspanelen (linnen, MDF, aluminium)
- grafische platen (zink, koper, linoleum), ets- en snijgereedschap
- lijsten, baklijsten, museumglas en passe-partouts
- ophangsystemen, sokkels en vitrines; een expositieruimte huren
Je typt waar je geld aan uitgaf en je leest wat ermee mag, met het aftrekpercentage erbij en de reden eronder. Ook de onprettige gevallen staan erin: een ademmasker en stofbril voor het atelier zijn aftrekbaar, vernissage-catering valt onder representatie, en voor een externe werkruimte mag meer dan voor een hoek in je huis.
Wat een piek met de KOR doet
De vraag is niet óf de KOR bij je past maar in welk jaar. De grens ligt op € 20.000 omzet, en één verkochte serie of één grote opdracht kan je daar in één factuur overheen tillen. De KOR-meter loopt tijdens het jaar mee en laat zien hoeveel ruimte er nog is, zodat je het niet in maart daarna ontdekt. De afweging zelf staat in de KOR voor makers.
In opdracht maken
Regisseer je, choreografeer je, of doe je ander creatief werk in opdracht, dan is dat 21%. Dat is iets anders dan zelf uitvoeren: een optreden door een uitvoerend kunstenaar valt onder 9%. En lever je een kunstvoorwerp dat je zelf ontwierp en maakte, dan is dat ook 9%, ook als je het in opdracht maakte. Het programma vraagt wat je deed en zet het tarief erbij, met de bron van de Belastingdienst eronder.
En waar het programma je niets voorzegt
Verkoop je werk door dat iemand anders maakte, dan vult het programma het tarief niet voor je in. Dat valt onder ‘Iets anders’, en daar kies je het zelf. Hetzelfde geldt voor iets dat je wel zelf maakte maar dat volgens de Belastingdienst geen kunstvoorwerp is: een beschilderd decor, een gebruiksvoorwerp, keramiek uit een serie. Dat zegt het programma erbij als je het eigen kunstvoorwerp kiest.
Dat is geen gat maar een keuze: dit programma geeft alleen een antwoord waar 'ie een bron van de Belastingdienst bij kan zetten. Bij doorverkoop hangt het af van dingen die wij niet kunnen weten, en liever een lege plek waar je je boekhouder belt dan een percentage dat er stellig uitziet.